Waarom de loonsverhoging van 1 juli weinig verandert aan het echte probleem

Op 1 juli stijgt het minimumloon opnieuw. Voor de horeca voelt dit als een vertrouwd verhaal: lonen omhoog, marges onder druk, sector klaagt over personeelstekort. Maar er is iets veranderd dat niet alle ondernemers zich realiseren. Sinds 2024 betaalt elke sector in Nederland exact hetzelfde wettelijke minimumloon. Horeca, retail en logistiek hebben allemaal hetzelfde uurtarief. Het looncijfer waarmee horeca zichzelf decennialang vergeleek met andere bijbanen, bestaat niet meer.

En toch blijft het personeelstekort in de horeca een van de grootste van alle sectoren. Dat zou te denken moeten geven.

Als het loon niet het verschil is, wat dan wel?

De horeca kampt structureel met het hoogste personeelsverloop van alle sectoren. Medewerkers blijven gemiddeld minder dan vier jaar in dienst, ruim onder het landelijk gemiddelde van bijna negen jaar. Per kwartaal verdwijnt ongeveer een derde van alle horecabanen, een uitstroom die nergens anders zo hoog is, behalve in de uitzendbranche zelf.

Dat verloop heeft een prijs die de halfjaarlijkse loonindexatie ver overstijgt. Elke vertrekkende medewerker betekent een nieuwe vacature, een inwerkperiode, en weken waarin iemand nog niet volledig zelfstandig kan draaien. Vergelijk dat met de paar honderd euro die een loonsverhoging op jaarbasis kost per medewerker, en de verhouding wordt duidelijk: de sector richt zijn aandacht op het kleinere, zichtbaardere probleem. Het grotere probleem — waarom mensen niet blijven — krijgt zelden dezelfde aandacht.

Wat een deel van de sector al doet, en een ander deel nog niet

Hotels en andere logiesverstrekkers zetten ruim twee keer zo vaak in op automatisering om personeelstekort te beperken als restaurants en cafés doen. Beide hebben te maken met pieken, onregelmatige bezetting en een groot aandeel jonge, flexibele medewerkers. Het verschil zit niet in de aard van het probleem, maar in de reactie erop: een deel van de sector herinricht de operatie actief, een ander deel wacht af.

De echte les van 1 juli

Een hoger minimumloon raakt elke horecazaak op ongeveer dezelfde manier; voorspelbaar en beperkt. De vraag die er werkelijk toe doet is een andere: is de operatie zo ingericht dat een medewerker die over zes maanden weer vertrekt, toch snel waarde kan toevoegen? Of leunt de zaak op een paar mensen die toevallig al twee jaar meedraaien en daardoor alles weten wat nergens is vastgelegd?

Horeca is een sector die voor een groot deel draait op mensen die er over een paar maanden mogelijk niet meer zijn. Dat is een structureel kenmerk dat niemand van de ene op de andere dag verandert. Maar werkprocessen kunnen daar wél op worden ingericht: optimaal georganiseerd en waar mogelijk geautomatiseerd, zodat verloop wordt opgevangen in plaats van telkens opnieuw voelbaar te zijn. Zaken die dat doen, voelen de volgende loonsverhoging een stuk minder hard.

Benieuwd hoe je je horecazaak zo inricht dat ze minder afhankelijk wordt van wie er net dienst heeft? We denken graag met je mee.

Neem contact met ons op.

Volgende
Volgende

Gasten willen snelheid én een goed gevoel. Dat is geen tegenstelling.